Formule 1-teams mogen niet onbeperkt testen vanwege een combinatie van kostenbeheersing, eerlijkere competitie en duurzaamheid. Deze beperkingen zijn vastgelegd door de FIA en gelden voor alle teams binnen het kampioenschap.
Dat is gedaan wegens kostenbeperking en om eerlijkere competitie te garanderen. Vooral voor 2009 konden rijkere teams, zoals
Ferrari en
McLaren, vrijwel onbeperkt testen. Soms tikten ze duizenden kilometers per jaar aan. Dit gaf hen een groot voordeel ten opzichte van de kleinere teams met minder budget.
F1-testdagen beperkt
Door de testdagen te beperken, wordt voorkomen dat geld een nog grotere bepalende factor wordt én krijgen alle teams ongeveer dezelfde voorbereidingstijd. Hierdoor wordt het kampioenschap minder afhankelijk van wie het meeste kan testen en blijven engineering, strategie en coureursprestaties centraal staan.
Sinds 2014 heeft de
F1 wel gezorgd dat er weer 'in-season testing' beschikbaar is. Vaak zijn dat testdagen in samenwerking met
Pirelli, die worden georganiseerd na een paar Grands Prix. Vaak wordt er elk jaar na de Grand Prix van Abu Dhabi een tweedaagse bandentest ingepland. Teams mogen daarnaast twee 'filmdagen' inplannen, waarop ze honderd kilometer mogen rijden.
Budgetplafond in F1
Zoals al genoemd spelen de kosten van de testdagen een grote rol. Sinds 2021 is het budgetplafond van kracht, waardoor teams gelimiteerd worden in hoeveel geld ze mogen uitgeven. Teams die veel in de auto hebben geïnvesteerd, hebben geen budget voor testdagen. Als andere teams dat wel hebben, is er sprake van ongelijkheid.
Daarnaast is het met de huidige F1-kalender ook passen en meten wanneer er een testdag ingepland kan worden en zitten de teams met het logistieke proces. Een F1-team verplaatsen voor een testdag kost tijd en geld, die ze liever in de ontwikkeling van de auto steken dan in een testdag.
TPC-tests
De teams hebben daarom niet alleen twee filmdagen ter beschikking, maar mogen ook TPC-tests (Testing Previous Cars) doen. In zo'n sessie mag een team een auto gebruiken die tenminste twee jaar oud is. Vaak is dit essentieel om jonge coureurs te laten wennen aan de auto, oefenen met procedures en om talent te ontwikkelen.
Er geldt alsnog een limiet: er mag maximaal duizend kilometer gereden worden, vaak verdeeld over maximaal vier dagen. Ook mag er niet worden getest op een circuit waarop binnen zestig dagen een Grand Prix wordt georganiseerd.