Wie Max Verstappen zaterdag in Monza sprak, trof een coureur die bepaald
niet tevreden was over hoe zijn Formule 1-weekend was begonnen. Een dag later
stond hij alsnog op het podium, nadat Red Bull Racing gedurende het weekend
steeds meer uit de RB22 wist te halen. Al op donderdag was Verstappen weinig optimistisch over zijn
kansen. Monza zou volgens hem door het energiemanagement een lastig circuit
worden voor Red Bull. “Ik denk dat het echt pijnlijk gaat worden. Ik
verwacht geen wonderen”, zei hij voorafgaand aan het weekend. De
achterstand op de concurrentie was al aanwezig en Verstappen verwachtte dat het
karakter van Monza de zwakke punten van de RB22 verder bloot zou leggen.
Verstappen en Red Bull begonnen moeizaam aan GP Italië
Op vrijdag moest hij VT1 afstaan aan Ayumu Iwasa, waardoor zijn
eigen weekend pas tijdens VT2 echt begon. Daar werd al snel duidelijk dat de
RB22 niet goed in het gewenste werkvenster zat. Verstappen klaagde over de
remmen, het gebrek aan grip aan de achterkant en het stuiteren van de
F1-auto.
Red Bull veranderde gedurende de sessie onder meer de voorvleugel, maar verder
dan de negende tijd kwam hij niet. Technisch directeur Pierre Waché erkende na
afloop dat het team opnieuw tegen balansproblemen aanliep die ook op Zandvoort
zichtbaar waren geweest.
Verstappen zelf was na VT2 evenmin tevreden. “Het was vandaag
lastig om de balans van de auto goed te krijgen en daar moeten we voor morgen
aan werken om wat meer rondetijd te vinden. Het gat naar de koplopers is nog
steeds groot, maar hopelijk kunnen we dat in de kwalificatie over één ronde
iets verkleinen”, zei hij na de vrijdag in Monza.
Verbetering op zaterdag
Een dag later zag de situatie er al anders uit. In VT3 zette
Verstappen de derde tijd neer en voelde de Red Bull volgens hem een stuk beter
aan. In de kwalificatie kon Verstappen de vooruitgang uit VT3 echter niet
vasthouden. De auto begon opnieuw te stuiteren en Verstappen vermoedde dat er
bovendien een probleem met zijn auto was dat hem vooral in de langzame bochten
tijd kostte. Hij kwalificeerde zich als zesde, maar schoof door de gridstraf
van Oscar Piastri een plaats naar voren.
Na de kwalificatie was de teleurstelling merkbaar. Verstappen
schoof in de Red Bull-hospitality aan bij een select groepje media, waaronder GPblog,
en kwam meermaals terug op het probleem met de achterkant van zijn RB22. Veel
vertrouwen voor de race sprak hij op dat moment niet uit. Wel gaf hij op een
vraag van deze site aan dat er nog updates aankomen dit seizoen, al maakte hij
eveneens duidelijk dat het nu echt tijd is om de focus volledig te verschuiven naar
2027.
Verstappen deed onverwacht vooraan mee op Monza
Vanaf de vijfde startplaats veranderde het karakter van zijn
weekend zondag volledig. Verstappen mengde zich vanaf het begin in de gevechten
vooraan, kwam al snel naar voren en reed na de herstart zelfs enige tijd aan de
leiding. Dat hij die positie niet kon vasthouden, had vooral te maken met een
zwakte die op Monza bijzonder zwaar woog. Red Bull kwam elektrisch vermogen
tekort op de rechte stukken en Verstappen kon de Mercedes-aangedreven auto's
daardoor nauwelijks achter zich houden.
Daarom koos hij verschillende keren voor de buitenkant bij het
aanremmen van de tweede chicane. Daar moest Verstappen het tekort aan snelheid
op de rechte stukken zien te compenseren. Zoals van tevoren verwacht, was
Mercedes te snel op de rechte stukken. Een virtual safety car gaf Verstappen
later de mogelijkheid om nieuwe banden te halen, waarna hij zich opnieuw langs
de McLarens moest werken om de derde plaats veilig te stellen.
Het grootste probleem van Red Bull
Na afloop was het verschil met vrijdag aanzienlijk. Niet omdat de
problemen van Red Bull ineens waren verdwenen, maar omdat Verstappen en zijn
team er gedurende het weekend veel meer uit hadden gehaald. “Ik had gisteren
mijn problemen en die waren er vandaag natuurlijk nog steeds. Maar tijdens de
race was ook vrij duidelijk dat we qua deployment de auto's met een
Mercedes-motor gewoon niet kunnen bijhouden en dat is op een circuit als Monza
erg lastig”, vertelde Verstappen tijdens de persconferentie na de race.
De ontwikkeling die sinds vrijdag was gemaakt, stemde hem
tevreden. “Voor ons was het podium denk ik, na een heel moeilijk weekend in
Zandvoort waarin de auto niet echt naar mijn zin was, een goed resultaat. We
hebben van vrijdag op zaterdag een sterke ommekeer gemaakt en de auto zat
absoluut in een beter werkvenster. Maar er zijn nog steeds een paar punten
waarvan we weten dat ze beter moeten, naast het duidelijke probleem qua deployment
op de rechte stukken.”
De
derde plaats vormde geen bewijs dat Red Bull de problemen in Monza had
opgelost. Verstappen had op vrijdag nog een auto waarmee hij negende werd en
weinig vertrouwen had in de balans, zag zaterdag een beter gevoel gedeeltelijk
verdwijnen in de kwalificatie en kon zondag op pure snelheid niet met Mercedes
mee. Toch vertrok hij uit Monza met een podium. Dat liet, zoals wel vaker,
vooral zien hoeveel Verstappen en Red Bull gedurende een moeizaam weekend uit
de RB22 weten te halen.