De geplande
wijzigingen aan de motorreglementen voor 2027 lijken op brede steun van de
Formule 1-coureurs te kunnen rekenen. Vooral het voorgenomen besluit om de
verhouding tussen elektrische kracht en de verbrandingsmotor aan te passen naar
60-40 wordt door meerdere coureurs gezien als een noodzakelijke stap.
Tegelijkertijd klinkt er ook scepsis: volgens sommigen lossen de wijzigingen
het fundamentele probleem niet volledig op. Max Verstappen klinkt echter
opvallend positief. De discussie
over de toekomstige motorreglementen loopt al langer. Sinds de introductie van
de nieuwe generatie power units groeide de kritiek vanuit de coureurs op het grote
aandeel aan elektrische energie. Daarbij klonk regelmatig dat de auto’s
onnatuurlijk aanvoelen, dat coureurs te veel bezig zijn met energiemanagement
en dat het racen minder puur is geworden. Met name Verstappen was daar erg vocaal in, maar over de nieuwe voorgestelde wijzigingen klinkt hij opvallend positief.
Verstappen
positief over 2027-plannen
Verstappen
liet eerder al doorschemeren dat de richting van de sport belangrijk is voor
zijn toekomst in de
Formule 1. In Canada maakt hij tegenover onder meer
GPblog
duidelijk dat de voorgestelde aanpassing voor 2027 daarin een belangrijke rol
speelt.
“Het gaat absoluut een heel positieve kant op. Ik denk dat dit het
minimale was waarop ik hoopte en ik vind het heel mooi dat ze dit willen doen.
Dit is absoluut wat de sport nodig heeft.”Verstappen
benadrukt daarbij opnieuw dat het voor hem niet draait om het hebben van de snelste
auto, maar om hoe de Formule 1-auto’s aanvoelen en hoe er geracet wordt.
Volgens hem moet het ‘product’ beter worden, iets waarvan hij denkt dat deze
wijzigingen daadwerkelijk gaan helpen. “Ja, absoluut. Ik wil gewoon een goed
product in de Formule 1 en dit zal het product zeker verbeteren.”
De viervoudig
wereldkampioen wijst erop dat hij eerder al zei dat zijn toekomst mede afhing
van de toekomstige reglementen. Volgens Verstappen zullen de aanpassingen van
volgend jaar daarin een groot verschil maken: “Ik heb altijd gezegd dat het
voor mij niet uitmaakt of ik een goede auto heb of niet. Het gaat om het
product zelf. En ik denk dat het product op deze manier beter wordt. Dan gaat
het plezier vanzelf ook omhoog.”
Ook Red Bull
Racing-teamgenoot Isack Hadjar ziet de voorgestelde wijziging als een
noodzakelijke stap. De Fransman noemt het een enorme sprong vooruit en hoopt
vooral dat de plannen definitief worden doorgezet.
Veel
F1-coureurs vinden voorgestelde wijzigingen niet genoeg
Fernando
Alonso houdt er gemengde gevoelens aan over. De tweevoudig wereldkampioen
begrijpt waarom de sport ooit vol inzette op elektrificatie, maar vindt dat de
Formule 1 onderweg iets fundamenteels kwijtgeraakt is. Volgens Alonso blijft
het probleem in de basis bestaan zolang de filosofie achter de motoren
hetzelfde blijft.
“Het DNA
van deze motoren blijft hetzelfde en ze zullen altijd belonen dat je langzaam
rijdt in de bochten”, zegt
de Aston Martin-coureur. De Spanjaard stelt dat de autosport volgens hem nooit
volledig te vergelijken viel met de richting waarin de gewone autowereld zich
ontwikkelde. Terwijl fabrikanten steeds meer richting elektrisch gingen,
verloor de Formule 1 volgens hem juist een deel van haar karakter. “Helaas
zijn we sinds 2014, met het turbo-tijdperk, en nu nog meer, bijna een decennium
van puur racen kwijtgeraakt.”
Ook Liam
Lawson twijfelt na een vraag van GPblog of de wijzigingen uiteindelijk groot
genoeg zullen zijn. De Nieuw-Zeelander noemt iedere stap vooruit positief, maar
denkt dat de problemen dieper zitten dan alleen de verdeling tussen elektrische
kracht en de verbrandingsmotor. Volgens Lawson willen coureurs vooral auto’s
die agressief aanvoelen, waarmee ze constant kunnen pushen en die ook qua
geluid weer meer bij de traditionele Formule 1 passen. Dat is volgens hem het
beeld waarmee veel huidige coureurs zijn opgegroeid.
Lawson denkt
bovendien dat de auto’s op andere vlakken nog steeds tekortschieten. Hij wijst
erop dat er tegenwoordig veel downforce verloren is gegaan om het gebrek aan
batterijvermogen deels te compenseren. Daardoor verwacht hij dat ook deze
nieuwe richting nog niet volledig zal oplossen wat coureurs missen.
Sainz wil ‘echte’
F1-motoren terug
Carlos Sainz
sluit zich grotendeels bij die kritiek aan. De Spanjaard noemt het vooral
belangrijk dat de Formule 1 weer teruggaat richting wat hij omschrijft als een
‘echte’ Formule 1-motor. Volgens hem hoort het in de sport weer mogelijk te
zijn om vrijwel overal voluit te gaan, zonder constant bezig te zijn met
batterijgebruik en energiebesparing.
Sainz merkt
daarbij op dat de huidige generatie auto’s volgens veel coureurs een deel van
de essentie van racen heeft weggenomen. Coureurs willen aanvallen, snelheid
voelen en luidruchtige motoren horen. Meer nadruk op de verbrandingsmotor ziet
hij daarom duidelijk als een verbetering. Toch denkt ook Sainz dat coureurs
uiteindelijk altijd meer zullen willen.
Volgens de
Williams-coureur zagen veel rijders de elektrische component vroeger liever als
een toevoeging aan een sterke motor, in plaats van een essentieel onderdeel
waar het complete rijgedrag van afhankelijk wordt. De Spanjaard verwacht dan
ook dat de discussie voorlopig niet zal verdwijnen, ook niet als de
voorgestelde wijzigingen daadwerkelijk worden ingevoerd.