De matige test van Aston Martin in Bahrein is niet de enige kopzorg van Aramco, de titelsponsor van het het Formule 1-team. Het grootste oliebedrijf ter wereld is door Iran onder vuur genomen, wat schokkende beelden oplevert. Enorme rookpluimen zijn er te zien boven de olievelden van Aramco, veroorzaakt door aanvallen van drones. Het bedrijf is daarmee ongewild onderdeel geworden van de vernietigende oorlog tussen enerzijds de Verenigde Staten en Israël, en aan de andere kant Iran. Dat probeert landen in de regio in het conflict te trekken, door bijvoorbeeld aanvallen zoals op Aramco.
De Aramco-raffinaderij staat in Ras Tanura. Het is de grootste in het Midden-Oosten en een van 's werelds toonaangevende raffinaderijen met een capaciteit van ongeveer 550.000 vaten per dag. Aramco stelt dat de situatie inmiddels onder controle is, maar uit voorzorg is de raffinaderij wel gesloten. Dat zorgt ongetwijfeld voor een miljoenenverlies bij het Saoedisch staatsbedrijf.
Aramco grootste geldschieter van Aston Martin
Aramco is de grootste sponsor van het Aston Martin
F1-team. Het heeft via het Saoedische Public Investment Fund (PIF) bovendien een minderheidsbelang van ongeveer 8 procent in de equipe. Ook op technisch gebied werkt Aramco met Aston Martin samen.
Voor het Aston Martin-team van Fernando Alonso en Lance Stroll is genoeg werk aan de winkel. De testdagen in Spanje en Bahrein verliepen verre van voorspoedig. Het team heeft vooral problemen met de nieuwe Honda-motor.