Voormalig F1-ontwerper Gary Anderson is het volledig eens met Max Verstappen en denkt dat de regelaanpassingen de fundamentele problemen niet hebben opgelost. Hij betwijfelt de aanpak van de FIA, aangezien de problemen rond energieterugwinning en superclipping nog steeds aanwezig waren in Miami. Dat liet Verstappen na de race, waarin hij vijfde werd,
dan ook duidelijk optekenen. Wat hij eerder zei over de regels, geldt voor hem nog steeds. Op sommige plekken moet hij langzamer rijden om sneller te gaan. Naar zijn idee is dat oneerlijk. Anderson, voormalig ontwerper van onder anderen Jaguar, is het daarmee eens.
"Er is tijdens de pauze enige vooruitgang geboekt, maar auto’s zijn nog altijd dominanter dan coureurs en elektrische kracht belangrijker dan verbrandingsmotoren", schrijft hij bij
The Telegraph."Vier races na de invoering van de nieuwe Formule 1-reglementen lijkt misschien maar één ding echt duidelijk: hoe ingewikkeld alles is geworden", wijst hij aan. "Veel fans én coureurs zijn niet tevreden over wat ze tot nu toe hebben gezien. Zozeer zelfs dat er in de vier weken richting de Grand Prix van Miami meerdere aanpassingen werden gedaan aan de manier waarop teams hun nieuwe auto’s mogen gebruiken."
Het doel was grotendeels om de kwalificatie spectaculairder te maken, zodat de coureurs meer voluit konden rijden. Ook wilde de FIA de enorme snelheidsverschillen tijdens races beperken. "Werkten die aanpassingen zoals bedoeld in Miami? Ik denk van niet – hooguit was er een marginaal verschil. Het probleem is dat het op dit moment moeilijk is om volledig te begrijpen hoe de wijzigingen hebben uitgepakt", schrijft de Brit.
Had de FIA moeten wachten?
De druk op de FIA en de F1 om tijdens de lentestop wijzigingen te maken werd flink opgevoerd, maar Anderson lijkt te denken dat ze wegens de kalender beter nog even hadden kunnen wachten. "Suzuka was een lastig circuit voor energieterugwinning, terwijl Miami daar juist veel geschikter voor was. Zelfs zonder aanpassingen zouden de grootste problemen daar waarschijnlijk minder zichtbaar zijn geweest", vindt hij. "Op sommige vlakken was er wel vooruitgang, maar dat kwam vooral doordat teams chassisupdates introduceerden."
"De kwalificatie voor de Grand Prix was de beste en spannendste sessie van het seizoen. In de sprintrace maakte McLaren bovendien een einde aan de dominantie van Mercedes door als eerste en derde te kwalificeren en vervolgens eerste en tweede te finishen. Dat kwam deels door een energiestrategie van McLaren die hen een voordeel gaf. Toen andere teams eenmaal doorhadden wat McLaren deed en hetzelfde gingen toepassen, werd het speelveld gelijker. Dat is op zich geen probleem, want het is altijd aan de teams om het maximale uit hun materiaal te halen." Anderson wijst het echte probleem aan: waar de coureurs eerder mee worstelden, gebeurde nog steeds. "De problemen rond energieterugwinning en superclipping waren in Miami minder aanwezig, maar bestonden nog steeds. Coureurs lieten aan het einde van het lange rechte stuk iets gas los om de batterij op te laden voor hun snelle ronde. Het veiligheidsprobleem rond grote snelheidsverschillen leek verbeterd, maar dat betekent niet dat we het niet opnieuw gaan zien. Ik denk juist van wel", schrijft Anderson.
'De sport is te ver doorgeschoten'
Ondanks de positieve toon die F1 en Liberty Media proberen uit te dragen, laten de coureurs weten dat de stap die is gezet nog steeds veel te klein is. Lando
Norris riep de FIA op om de batterij eruit te halen. Lance Stroll reed tijdens de lentestop in een Formule 3-auto en
vond dat veel leuker dan de huidige F1-auto's. Ook de FIA-president heeft inmiddels aangegeven dat er wordt gekeken naar
een toekomst met V8-motoren en minimale elektrificatie.
"Mensen vragen me vaak of het de auto of de coureur is die het verschil maakt. In verschillende periodes van de F1 was dat meer het één dan het ander, maar momenteel is de sport te ver doorgeschoten richting de auto als dominante factor", is Anderson van mening. "Bij het opstellen van deze reglementen heeft de Formule 1 het paard achter de wagen gespannen. Alles begon met het idee van een 50/50-verdeling tussen de verbrandingsmotor en de batterij. Pas daarna werden oplossingen gezocht."
"Op dit moment is de batterij dominant, en dat veroorzaakt zoveel problemen."