Formule 1-analist Peter Windsor zag dat Max Verstappen
helemaal niet blij was met zijn RB22 tijdens de vrijdag op de baan in
Oostenrijk. Tijdens VT1 en VT2 had de Nederlander verschillende problemen met
zijn wagen, en dat was Windsor niet onopgemerkt gebleven. Lees hier wat hij te
zeggen had na de eerste twee sessies van het weekend. “Red Bull onthulde een groot aantal veranderingen aan de
RB22. Mogelijk hebben sommige van die aanpassingen gewerkt, maar op geen enkel
moment tijdens de vrije trainingen op vrijdag leek Max Verstappen echt tevreden
met de auto”, opende hij zijn analyse op zijn YouTube-kanaal na afloop van de
twee sessies op de Red Bull Ring.
“Verstappen leek simpelweg nooit echt gelukkig met de auto.
Ondanks alle upgrades aan de Red Bull kwam hij in VT1 bovendien laat de baan
op. Telkens wanneer hij de koppeling liet opkomen, schakelde de auto over op de
anti-stallfunctie, waardoor de motor dreigde af te slaan. Twee keer reed hij de
garage uit, maar beide keren moest de auto weer terug de garage in worden
geduwd om het probleem te verhelpen. Pas na ongeveer twintig minuten kon hij
daadwerkelijk beginnen met rijden”, ging de analist verder.
Zo reageerde Verstappen zelf op de RB22 in Oostenrijk
Verstappen reageerde
zelf ook al na de tweede sessie van het
weekend waarbij hij zelf aangaf dat het nog niet helemaal lukte met de nieuwe
updates. Red Bull Racing had dit updatepakket meegenomen om weer meer mee te
doen met de top, maar vooralsnog wil het niet echt werken. Tijdens VT2 had
Verstappen bijvoorbeeld een achterstand van meer dan een halve seconde op
Andrea Kimi Antonelli. Windsor zag ook dat de snelheid er niet was.
“Toen hij eenmaal de baan op ging, was zijn tempo niet
slecht, maar ook zeker niet uitzonderlijk snel. Vrijwel direct ontstond er veel
radiocommunicatie over welke versnellingen hij in verschillende bochten moest
gebruiken. Dat is erg ongebruikelijk; in de carrière van Max Verstappen hebben
we zoiets eigenlijk nog nooit gehoord.”