Olav Mol en Frans Verschuur gaan bij F1 aan Tafel de discussie aan over het huidige F1-reglement. Volgens Mol gaat het racen momenteel de goede kant op en zorgt het voor leuke races. De rest van de studio vindt het racen in de koningsklasse voornamelijk nog kunstmatig. Het
Formule 1-seizoen is inmiddels al een tijd in volle gang en bij een aflevering van
F1 aan Tafel wordt een oordeel geveld over hoe het seizoen tot nu toe is verlopen. Verschuur, voormalig teambaas van Jos Verstappen, stelde dat het veld op dit moment erg dichtbij elkaar zit. Hiermee worden de critici, die aan het begin van het seizoen dachten dat Mercedes zwaar zou domineren, de mond gesnoerd.
Mol stelt dat Verstappen en Red Bull sterk werk leveren
Vervolgens werd er ingegaan op het feit dat het seizoen tot nu toe voor
Max Verstappen en
Red Bull Racing niet vlekkeloos verloopt.
"Dat hebben we heel veel, en ook internationaal, eind vorig jaar geroepen. 'Nou, we moeten maar zien', want Red Bull komt met een nieuwe motor. Als Max 8e of 10e staat is dat best logisch met een heel nieuw motorpakket. Maar kan je nagaan hoe goed het al is", stelde Mol in tegendeel.
In het teken van het nieuwe technisch reglement van 2026 wordt het fenomeen superclipping ook besproken in de studio. Mol benadrukte hierbij dat het verlies van snelheid voor een bocht al voor de helft verminderd is. De Nederlander ziet hierbij de koningsklasse terug in de juiste richting slaan. De overige gasten in de studio vinden het racen in de Formule 1 momenteel vooral nog kunstmatig. Dit sluit aan bij de kritiek van onder anderen Max Verstappen eerder dit seizoen.
Voor volgend jaar en het jaar daarop heeft de
FIA alvast
aanpassingen aan de motor aangekondigd. De verhouding tussen de verbrandingsmotor en de elektromotor gaat namelijk op de schop. Momenteel is deze verhouding 53/47. In 2027 zal dit 58/42 zijn, voordat het 60/40 wordt in 2028. Verstappen
reageerde verrassend positief op deze aangekondigde veranderingen.