Voormalig Ferrari-engineer en F1-analist Rob Smedley heeft
zich uitgesproken over de discussie rondom Mercedes en de vermeende voorsprong
van het fabrieksteam ten opzichte van de klantenteams. De afgelopen periode ontstond er speculatie dat Mercedes
mogelijk niet alle informatie over de werking van de nieuwe krachtbron zou
delen met teams die dezelfde motor gebruiken, zoals
McLaren, Williams en
Alpine. Volgens Smedley is die kritiek echter onterecht.
De Brit stelt dat er geen sprake is van een verschil in
kwaliteit tussen de motoren die Mercedes levert aan het eigen team en aan de
klantenteams. Volgens hem zit het voordeel vooral in de manier waarop Mercedes
de krachtbron gebruikt. Het fabrieksteam beschikt over meer data, werkt
dagelijks samen met de motorafdeling en heeft daardoor beter inzicht in de
mogelijkheden van de nieuwe technologie.
“Ik lees het af en toe wel. En veel van de reacties gaan
altijd over het verhaal dat Mercedes een grote voorsprong heeft met de
krachtbron ten opzichte van de klantenteams. Dat klopt niet. Dat is honderd
procent onjuist. Het lijkt alsof Mercedes de klantenteams een mindere versie
van de motor heeft gegeven. Alsof zij met een inferieure krachtbron rijden.
Maar dat klopt helemaal niet. Het verschil ontstaat doordat Mercedes simpelweg
beter weet hoe ze de krachtbron moeten gebruiken en optimaliseren”, aldus
Smedley in de High Performance-podcast.
Smedley over een vermeende voorsprong van het fabrieksteam
“Ik denk dat er een paar dingen zijn opgevallen. Wat ik
bijvoorbeeld zag tijdens Silverstone: in Oostenrijk introduceerden ze een
nieuwe krachtbron vanwege betrouwbaarheidsredenen. Laten we dat op het eerste
gezicht aannemen. Maar betekent dat automatisch dat er geen
prestatieverbeteringen aan gekoppeld kunnen zijn? Waarschijnlijk niet.
Uiteindelijk gaan prestaties en betrouwbaarheid altijd samen”, ging hij verder.
Ook voormalig teambaas Otmar Szafnauer liet eerder weten dat
fabrieksteams op dit gebied mogelijk een natuurlijk voordeel hebben, omdat zij
nauwer betrokken zijn bij de ontwikkeling en het optimaliseren van de motor.
Dat leidde tot vragen over hoeveel informatie klantenteams daadwerkelijk
krijgen.
“Wat Mercedes deed, was echter anders dan wat alle andere
teams deden. Tijdens Silverstone gebruikten ze een aantal slimme oplossingen
die zorgden voor betere prestaties op de rechte stukken. Ze bleven bijvoorbeeld
in de zevende versnelling rijden op de rechte stukken. Als je de data
vergelijkt, zie je dat alle andere teams opschakelden naar de achtste
versnelling. Mercedes hield de zevende versnelling vast. Daardoor bleven de
toerentallen hoger. Dat zorgde ervoor dat ze meer energie konden terugwinnen en
de batterij beter konden opladen.”