De Autoriteit Consument & Markt (ACM) beoordeelt de voorgenomen overname van Viaplay Nederland door Videoland niet op basis van de brede streamingmarkt, maar kijkt specifiek naar de positie die Videoland na de deal krijgt op de markt voor 'live en on-demand aangeboden sportcontent'. Dat detail uit de concentratiemelding, geeft richting aan de vraag of de toezichthouder bezwaren kan hebben en is relevant voor iedere F1-kijker die wil weten wat er met zijn abonnement gebeurt. Zoals GPblog eerder meldde, deed Videoland B.V. de melding op 24 augustus en maakte de ACM die op 27 augustus openbaar. Belanghebbenden kunnen tot 3 september een zienswijze indienen. Maar achter die procedurele stappen schuilt een inhoudelijke keuze die bepaalt hoe streng de ACM naar deze deal kijkt.
Niet de streamingmarkt, maar de sportcontentmarkt
De aandacht van de ACM ligt onder meer bij de positie die Videoland na de overname krijgt op de markt voor live en on-demand aangeboden sportcontent. Dat is een nauwere marktafbakening dan de complete streamingmarkt. De Nederlandse streamingmarkt kent weliswaar verschillende grote internationale partijen, waaronder Netflix, Disney+, HBO Max, Prime Video en SkyShowtime, maar niet al die diensten bieden dezelfde live sport. Voor specifieke rechten kan de keuze zeer beperkt zijn.
Concreet betekent dit het volgende: als de ACM zou kijken naar de totale streamingmarkt, dan concurreert Videoland met een groot aantal aanbieders en is de marktpositie bescheiden. Maar op de markt voor live sportcontent in Nederland zijn er aanmerkelijk minder spelers. Viaplay beschikt over de
Formule 1-rechten tot en met 2029, de uitzendrechten van de Engelse Premier League en FA Cup tot 2028, de Duitse Bundesliga tot en met 2029, de Franse Ligue 1 tot en met 2029, de PDC-dartsrechten tot 2032 en handbalrechten tot 2031. Al die rechten komen bij Videoland terecht — een dienst die tot nu toe nauwelijks live sport aanbood.
Het risico is dat iemand die alleen Formule 1 wil kijken uiteindelijk verplicht wordt een veel breder en duurder pakket af te nemen. Daar zal de ACM onder meer naar kijken: niet of iedere consument de voorgenomen dienst persoonlijk aantrekkelijk vindt, maar of er voldoende concurrentiedruk blijft bestaan.
Precedent: strenge voorwaarden bij DPG-overname van RTL
Dat de ACM niet bang is om in te grijpen bij DPG Media, bleek vorig jaar al. De ACM gaf op 27 juni 2025 toestemming voor de overname van RTL Nederland door DPG Media, maar DPG moest voldoen aan een uitgebreid pakket aan voorwaarden. Die voorwaarden zorgen ervoor dat de overname geen negatieve gevolgen heeft voor de mediapluriformiteit en nieuwsgebruikers toegang houden tot voldoende onafhankelijke nieuwsbronnen. De ACM deed daar anderhalf jaar onderzoek naar.
Bij de Viaplay-overname spelen andere belangen. Waar de DPG/RTL-zaak draaide om nieuwspluraliteit en democratische waarden, gaat het nu om concurrentie op de sportcontentmarkt. De vraag is niet of er genoeg nieuwsbronnen overblijven, maar of consumenten na de overname nog voldoende alternatieven hebben om live sport te kijken en of DPG Media via Videoland een te sterke positie krijgt in dat specifieke segment.
Bij de aankondiging van de overname gaven DPG Media en Viaplay Group aan geen mededingingsrechtelijke bezwaren te verwachten. De overname wacht nog op goedkeuring van de mededingingsautoriteiten en de verwachting is dat de ACM er niet zo lang over doet als bij de afgewezen fusie tussen Talpa en RTL Nederland en de goedgekeurde overname van RTL Nederland door DPG Media.
Hoe lang duurt de beoordeling?
De ACM heeft in de meldingsfase in principe vier weken de tijd om vast te stellen of de overname de concurrentie kan beperken. Mocht de toezichthouder formeel aanvullende informatie opvragen, dan wordt de behandeltermijn tijdelijk stilgezet. Als de ACM geen aanvullende bezwaren ziet, kan er al tijdens het lopende Formule 1-seizoen duidelijkheid komen. Een besluit wordt dan rond eind september verwacht.
Mocht de ACM wél problemen signaleren, dan kan een zogeheten vergunningsfase volgen, een diepgaander onderzoek dat aanzienlijk langer kan duren. Een voorgenomen concentratie is problematisch als het resulteert in een economische machtspositie of versterking daarvan. Mocht de ACM mededingingsrechtelijke problemen voorzien, dan stelt zij de betrokkenen in de gelegenheid om oplossingen voor te stellen. In dat scenario zou de overname vertraging oplopen en mogelijk pas in 2027 worden afgerond.
Het meest waarschijnlijke scenario blijft dat de ACM de deal in de meldingsfase goedkeurt, al dan niet met beperkte voorwaarden. De smalle marktdefinitie, live sportcontent in plaats van de volledige streamingmarkt, maakt de beoordeling echter minder vanzelfsprekend dan DPG en Viaplay doen voorkomen. Voor F1-kijkers die willen weten wanneer en hoe hun abonnement verandert, is het ACM-besluit het volgende belangrijke nieuwsmoment.