Jacky Ickx
kijkt met veel interesse naar de deelname van Max Verstappen aan de 24 uur van
de Nürburgring, zo vertelt hij in een exclusief interview met GPblog. De 81-jarige Belgische autosportlegende weet als geen ander wat
de Nordschleife met een coureur doet, want hij reed er zelf in de jaren zestig
de beruchte Marathon de la Route van 84 uur. Verstappen
werkte de afgelopen maanden al meerdere races af op de Nürburgring ter
voorbereiding op zijn debuut in de 24-uursrace. Daarmee treedt hij in de
voetsporen van grote endurancecoureurs uit eerdere generaties, onder wie Ickx.
De Belg won onder meer de 1000 kilometer van de Nürburgring, maar begon
zijn avontuur op het circuit met races die nog veel extremer waren dan de
huidige etmaalrace.
Ickx reed de 84 uur van de Nürburgring
"Ik
heb veel meer gedaan dan dat", zegt Ickx wanneer hij naar de 1000 kilometer op de Nürburgring wordt gevraagd. "Toen ik jong was, in 1965 en 1966, reed ik
de 84-uursrace op de Nürburgring." Die races
maakten deel uit van de legendarische Marathon de la Route, een endurance-race
die dagenlang doorging over de oude Nordschleife. De editie van 1965 duurde 82
uur, waarna de organisatie het evenement een jaar later zelfs uitbreidde naar
84 uur. Ickx reed eerst samen met Gilbert Staepelaere in een Lotus Cortina en
stapte later over naar Ford, waar hij met een Mustang deelnam.
De Belg hoeft
zijn ogen maar te sluiten om weer terug te zijn op het oude circuit. "Als
je de Nürburgring niet kent: na drieënhalve dag racen droom je er nog steeds
van als je je ogen dichtdoet. Zelfs vandaag kan ik het circuit nog helemaal voor me
zien." Volgens Ickx
is de Nordschleife van nu bovendien veel minder extreem dan het circuit waarop
hij zelf reed. Vooral de sprongen zijn hem bijgebleven. "Er is
tegenwoordig wel één groot verschil met de Nürburgring van vroeger. In mijn
tijd waren er zeventien sprongen. Zeventien keer kwamen de wielen los van de
grond. Soms de voorkant, soms de achterkant, soms alle vier."
Ickx legt aantrekkingskracht van de Nordschleife uit
Vrijwel al
die momenten verdwenen later, uit veiligheidsoverwegingen. Wanneer wordt
opgemerkt dat er misschien nog een klein sprongetje rond de Karussell over is,
reageert Ickx: "Misschien een beetje, ja. Maar vroeger
gingen de auto’s écht de lucht in." Voor hem zit
de magie van de Nürburgring vooral in de omvang van het circuit. "Omdat
het 23 kilometer lang is. Dat is waarom het zo bijzonder is. Andere circuits
zijn veel korter. Het is makkelijker om negen bochten te leren dan meer dan
honderdzestig."
Ook
Spa-Francorchamps blijft voor hem een speciaal hoofdstuk, al noemt hij dat
circuit totaal anders dan de Nürburgring. "Spa was weer totaal anders,
omdat het daar draaide om pure snelheid. Ik heb het over het oude Spa van bijna
14 kilometer. Dat was het eerste echte stratencircuit." De
omstandigheden van toen zijn volgens Ickx nauwelijks nog voorstelbaar voor coureurs vandaag de dag. "In 1973 reden we daar gemiddeld meer dan 263
kilometer per uur met de Ferrari. Dat was in de training, want kwalificaties
zoals nu bestonden toen nog niet."
"Het bijzondere voor mensen is dat het een echt
stratencircuit was. Er stonden huizen langs de baan, hekken van weilanden,
greppels, elektriciteitspalen… Mensen stonden er gewoon naast. Er waren amper
vangrails. Vaak lagen er alleen strobalen." Wanneer hem
wordt voorgehouden dat mensen coureurs uit die periode vaak als extreem moedig
zien, nuanceert Ickx dat direct.
"Ik maak geen grapje. Het was echt
zo", zegt hij.
"Mensen zeggen dan altijd: ‘Jullie waren ontzettend moedig.’
Maar het ging niet om moed. Het ging om de vrijheid om iets te doen waar je van
hield." De 24 uur van Spa-Francorchamps staat overigens ook
hoog op het wensenlijstje van Max Verstappen. 'Als je bang bent, ben je verslagen'
Bang was Ickx naar eigen zeggen nooit echt. "Nee. Want als je bang bent, ben je
verslagen. Angst mag geen plaats hebben in je hoofd. Misschien mis je dat
gewoon als je jong bent. Als je jong bent, denk je dat je voor eeuwig
leeft." Tegelijkertijd
weet Ickx als geen ander welke prijs de autosport soms vraagt. De Belg verloor
in zijn carrière meerdere collega’s en vrienden op circuits als Spa en de
Nürburgring. "Ja, helaas wel. Dat hoort erbij. Er zijn hoogtepunten en
dieptepunten. Sommige wonden herstellen nooit echt." Toch gaat het leven door, zo benadrukt hij.
Het dodelijke ongeluk van de 66-jarige Juha Miettinen op de Nürburgring komt ook ter sprake. Op de vraag iemand op
die leeftijd nog zou moeten racen, weigert Ickx hard te oordelen. "Dat
weet ik niet. Maar uiteindelijk heb je in de autosport maar één echte
vijand." Die vijand
blijkt niet snelheid of gevaar te zijn: "Misschien ben je zelf soms je
grootste vijand, omdat je te veel wilt. Maar de enige echte vijand is de tijd
die voorbijgaat."
Daarmee sluit
Ickx af zoals iemand die zijn hele leven met snelheid heeft doorgebracht. "Dat
is de enige vijand die je hebt: de tijd die blijft doorgaan. Maar opnieuw, het
is vrijheid. Deze man werd niet gedwongen om te racen. Hij deed het omdat hij
ervan hield. Hij stapte in die auto en was gelukkig. Hij had nooit gedacht dat dit zou
gebeuren. Maar er is duidelijk iets misgegaan."