Max Verstappen begint niet volledig fit aan zijn laatste Grand
Prix van Nederland. De Red Bull Racing-coureur is grieperig en heeft weinig energie,
al verwacht hij daar in de auto geen hinder van te ondervinden. Sportief zijn
de vooruitzichten volgens Verstappen een groter probleem: vanaf P7 denkt hij op
pure snelheid niet ver naar voren te kunnen komen. Verstappen arriveerde eerder in het weekend al niet helemaal fit
op
Circuit Zandvoort en na de kwalificatie bleek dat nog altijd het geval.
"Ik
heb me wel eens beter gevoeld. Grieperig, gewoon niet heel veel energie",
vertelt hij in gesprek met onder meer
GPblog. Op de vraag of zijn fysieke gesteldheid hem achter het stuur
beperkt, antwoordt Verstappen:
"Ik denk het niet. Ik denk dat als je
eenmaal in de auto zit, dat het wel gaat."In de RB22 veranderde het beeld zaterdag evenmin. Red Bull kreeg
na de sprintrace de mogelijkheid om de afstelling aan te passen en veranderde
volgens Verstappen behoorlijk wat aan de auto. Het gewenste resultaat bleef
echter uit. De Nederlander kwalificeerde zich als zevende en kwam opnieuw
duidelijk tekort op de snelste coureurs.
"De auto voelde hetzelfde aan als gisteren, dus het gat is
ook ongeveer hetzelfde", stelt Verstappen. Gevraagd waar het grootste
probleem zit, wijst hij op een eigenschap waarmee Red Bull al langer worstelt. "De
balans is niet constant gedurende de hele bocht. Maar dat is al het hele
seizoen zo, alleen is het op sommige circuits iets erger dan andere."
Verstappen wijst op fundamentele problemen RB22
Het sprintformat geeft de teams maar één vrije training voordat de
auto's het parc fermé ingaan. Red Bull heeft het tijdens
sprintweekenden vaker lastig gehad, maar Verstappen wil het gebrek aan
voorbereidingstijd niet als belangrijkste verklaring aanwijzen. "Ik denk dat we nu gewoon meer
vastzitten aan fundamentele problemen in de auto die we moeten oplossen", legt de
viervoudig wereldkampioen uit.
Voor de Grand Prix verwacht teambaas Laurent Mekies meer van Red
Bull. De Fransman zag tijdens de sprintrace een beter racetempo dan dat over
één ronde en denkt dat zeven of acht auto's zich zondag
in de strijd om het
podium kunnen mengen, waaronder Verstappen. Verstappen zelf legt de lat een stuk lager.
De Nederlander werd zesde in de sprintrace en denkt dat die
positie onder normale omstandigheden opnieuw het maximaal haalbare is. Op de
vraag of P6 ook op zondag een realistisch resultaat is, antwoordt hij: "Ja, als er niks geks gebeurt voor mij. Maar op
pure snelheid denk ik van wel."
Verstappen moet daarvoor vanaf de vierde startrij minimaal één
positie zien goed te maken. "Ik sta op P7, dus het wordt moeilijk. We
gaan gewoon ons best doen. Inhalen wordt natuurlijk heel lastig, maar we gaan
er gewoon van proberen te genieten."