Verstappen moet naar het straatarme Rwanda, maar wie zit op hem te wachten?

russell
Foto: RacePictures
Opinie
1 Reacties
De Formule 1 keert terug naar Afrika. Een historische stap, zo klinkt het vanuit de koningsklasse. Maar met de keuze voor Rwanda als gastland voor een Grand Prix dringt zich vooral een andere vraag op: waarom moet een land met grote maatschappelijke problemen tientallen miljoenen besteden aan een speeltje voor de rijken?
Tien jaar lang moet er vanaf het begin van het volgende decennium worden geracet op een nieuw circuit bij de hoofdstad Kigali. Om dat te vieren werden journalisten door de Rwandese overheid ingevlogen voor de presentatie, waarbij de media werden behandeld alsof ze Donald Trump zelf waren. In hun vijf sterren hotels genoten ze van pure luxe, niks kwam hen tekort. Niemand die het de afgelopen dagen waagde om één kritische noot over Rwanda te schrijven.
Contact met de lokale bevolking was er niet. Er was dus geen journalist die zag onder welke erbarmelijke omstandigheden er vooral buiten de hoofdstad Kigali wordt geleefd. Het gemiddelde bruto salaris is er omgerekend 50 tot 60 euro per maand. Het merendeel van de bevolking leeft onder de armoedegrens.
En daar gaat de Formule 1 racen. Natuurlijk is het prachtig dat de Formule 1 na meer dan dertig jaar terugkeert naar Afrika. Het continent telt miljoenen autosportliefhebbers, die al sinds 1993 wachten op een nieuwe Grand Prix. Dat die fans eindelijk een race in hun eigen werelddeel krijgen, valt alleen maar toe te juichen.
Maar waarom moet dat uitgerekend in Rwanda?
Het organiseren van een Grand Prix kost een vermogen. Er moet een circuit worden aangelegd, er is infrastructuur nodig en de Formule 1 vraagt doorgaans een forse vergoeding om überhaupt een race te mogen organiseren. Daar komen de jaarlijkse kosten voor de organisatie nog bovenop. Hoeveel de overeenkomst met Rwanda precies kost, is niet bekendgemaakt. Maar dat geld had óók besteed kunnen worden aan het verbeteren van de levens van de bevolking.
ADVERTENTIE

Wordt een Grand Prix in Rwanda een succes?

Volgens president Paul Kagame, een dictator die al ruim 26 jaar aan de macht is, zal de Formule 1 zorgen voor werkgelegenheid, toerisme en investeringen. De Formule 1 gebruikt dezelfde argumenten. Het circuit zou veel meer moeten worden dan een plek waar één weekend per jaar wordt geracet. Dat klinkt allemaal prachtig. Maar het zijn voorlopig vooral beloften.
De geschiedenis heeft aangetoond dat een Grand Prix niet automatisch een financieel succes is. Maleisië stopte in 2017 met de Formule 1, mede omdat de kosten niet langer opwogen tegen de opbrengsten. Waarom zou een race in Rwanda wél vanzelfsprekend een goudmijn zijn? De straatarme bevolking kan een ticket straks niet betalen en willen Engelsen, Nederlanders en Duitsers massaal in Afrika naar het racen gaan?
Het risico bestaat dat er een peperduur evenement wordt georganiseerd waar vooral buitenlandse bezoekers en de welgestelde bovenlaag van profiteren, terwijl de rekening en de maatschappelijke prioriteiten bij een veel grotere groep liggen.

Formule 1 geeft regering Rwanda een prachtig podium

ADVERTENTIE
Rwanda is niet zomaar een land dat graag een sportevenement organiseert. De regering van Kagame ligt al jaren onder vuur vanwege mensenrechtenschendingen. Amnestie wees al op de onderdrukking van politieke tegenstanders, beperkingen van de persvrijheid en willekeurige detenties. Ook de betrokkenheid van Rwanda bij het conflict in het oosten van de Democratische Republiek Congo leidt tot internationale kritiek. Dat fenomeen heeft een naam: sportswashing.
Rwanda investeert al langer in de internationale sport. De naam Visit Rwanda is onder meer verbonden aan grote Europese voetbalclubs en het land organiseerde in 2025 de wereldkampioenschappen wielrennen. De Formule 1 is de volgende grote prijs.
Want stel je eens voor wat een Grand Prix betekent voor de internationale uitstraling van de Rwandese regering. Een weekend lang prachtige televisiebeelden, wereldsterren die het land bezoeken en de president die zich tussen de belangrijkste mensen uit de autosport begeeft. Een betere internationale reclamecampagne is nauwelijks denkbaar.
De Formule 1 kan wel stellen dat sport een positieve bijdrage levert aan de samenleving, maar dat ontslaat de organisatie niet van de verantwoordelijkheid om kritisch te kijken met wie zij zakendoet.

Het kan ook anders

ADVERTENTIE
Er is een veel betere manier om de Formule 1 daadwerkelijk iets voor Afrika te laten betekenen. Als Stefano Domenicali en de FIA het zo belangrijk vinden om de sport toegankelijk te maken voor een nieuw publiek, waarom moet een gastland dan een enorme commerciële onderneming opzetten om de Formule 1 te mogen ontvangen?
Laat ditmaal de gebruikelijke organisatie-fee achterwege. Zorg voor goedkope toegangskaarten voor de lokale bevolking. Investeer structureel in kartbanen, technische opleidingen en lokale autosportprojecten. Maak van de komst van de Formule 1 een initiatief waarvan de inwoners daadwerkelijk profiteren. Dát zou pas een overtuigend bewijs zijn dat de Formule 1 meer wil dan een nieuwe markt aanboren en zodoende geld verdienen. Heel veel geld verdienen.
Afrika verdient een Grand Prix. Daar bestaat geen twijfel over. Maar de inwoners van Rwanda verdienen bovenal dat hun belangen zwaarder wegen dan het prestige van hun regering en de commerciële ambities van de Formule 1. Een historische terugkeer naar Afrika is pas echt iets om te vieren als ook de bevolking van het gastland er beter van wordt.
ADVERTENTIE

Mis geen GPblog in Google

Markeer ons als voorkeursbron en je ziet onze artikelen vaker bovenaan in Top Stories.

Voeg toe als voorkeursbron / op Google
loading

Loading