McLaren

Carlos Sainz Lando Norris

McLaren

De feloranje wagens van McLaren zijn duidelijk te onderscheiden van de andere bolides op de Formule 1-grid. Na jaren van grootspraak en magere prestaties, hebben Andreas Seidl, James Key en Zak Brown voor een nieuwe wind gezorgd. McLaren leeft weer en met een jonge line-up lijkt alles mogelijk voor de toekomst. 

Team NaamMcLaren
BasisWoking, Groot-Brittannië
Team LeiderAndreas Seidl
Technische LeiderJames Key
MotorRenault
Naam van de autoMCL35
Aantal wereldtitels8

 

Wie rijden er voor McLaren in de Formule 1?

Carlos Sainz en Lando Norris werden in 2019 al bestempeld als het liefdeskoppel van de Formule 1. De vraag is natuurlijk hoe leuk zij elkaar nog vinden als de wagen echt vooraan is te vinden, maar voor het imago van McLaren werkt dit perfect. Iedereen gunt het McLaren weer en vooral de coureurs die voor het team rijden.

Carlos Sainz in met vijf jaar in de Formule 1 al een ervaren coureur en dat bewees de Spanjaard in 2019. Hij werd zesde in het kampioenschap en wist uit de meeste problemen te blijven. Sainz is een garantie voor punten en een man om in de gaten te houden voor de toekomst.

Lando Norris beleefde een uitstekend debuutjaar waarin hij zijn teamgenoot in de kwalificatie meermaals met grote cijfers versloeg. In de race moet de twintigjarige Brit nog wel een stap maken, maar op zijn leeftijd lijkt hij al over voldoende kwaliteiten te beschikken om een lange carrière in de Formule 1 te hebben. 

De geboorte van McLaren

Ondanks prima resultaten bij het team van Cooper, besluit de jonge Bruce McLaren in 1966 aan de start van de Grand Prix van Monaco te verschijnen in een auto van zijn eigen team, McLaren. Pas met de overstap naar motoren van Cosworth, wordt de eerste overwinning gepakt door Bruce McLaren zelf in België in 1968. Ook de Canadese Grand Prix komt op de naam van de Nieuw-Zeelander te staan, maar voor de titel komt het team net wat punten tekort.

In de Formule 1 weet McLaren geen titels binnen te halen, maar in andere klassen excelleert de renstal wel. De Can-Am klasse is een vaste uitstap van Bruce en zijn team, maar ook eentje die duur wordt betaald. In 1970 test McLaren de nieuwe Can-Am wagen voor het aankomende seizoen, als een deel van de auto afbreekt, de wagen spint en vervolgens in de muur beland. De Nieuw-Zeelander overleeft de crash niet, maar de naam McLaren zal ook na zijn dood aan het team verbonden blijven.

Vier jaar na de dood van Bruce McLaren wint de gelijknamige renstal het eerste kampioenschap. Emerson Fittipaldi werd na twee succesvolle jaren bij Lotus overgenomen door McLaren en wist ook bij het Britse team de titel binnen te slepen. Het feest was van korte duur, aangezien Niki Lauda met zijn Ferrari een opmars maakt in het jaar na het eerste kampioenschap van McLaren. In 1976 pakt James Hunt weliswaar de titel met McLaren, maar gaat de constructeurstitel wederom naar Ferrari.

De eerste top van McLaren

Met Ron Dennis aan het roer, kwam er na jaren van niet al te beste resultaten, een grote verandering in 1983. De motoren van Ford werden ingeruild voor die van Porsche en met het duo Niki Lauda-Alain Prost, had McLaren alle ingrediënten in huis om succes te behalen. In 1984 werd de titel gepakt, net als in 1985: De eerste keer door Lauda, de tweede keer door Prost. En hoewel de motor van Porsche leek te zorgen voor een opleving van McLaren, was het in 1986 alweer gedaan met de pret. Williams wist, met een motor van Honda achterin de wagens, betere resultaten te behalen. 

Na nog een seizoen door te hebben gemodderd met Porsche, sluit ook McLaren aan in de rij bij Honda om de Japanse krachtbron in de wagen te krijgen. Een besluit dat vanaf 1988 de ene na de andere titel garandeert met Ayrton Senna en Alain Prost als rijdersduo.

De twee racers mogen het dan weliswaar niet goed met elkaar kunnen vinden, de successen voor McLaren zijn dominanter dan ooit. Zelfs nadat Prost het team verlaat (na de zoveelste aanvaring met Ayrton Senna), blijft Senna de overwinningen binnenharken. 

Pas in 1992 keert het tij en blijkt de motor van Honda ingehaald door andere fabrikanten. Ook goudhaantje Senna verlaat in 1994 het team om bij het beter presterende Williams aan de bak te gaan. Een carrière switch die uiteindelijk zou leiden tot zijn dood tijdens de Grand Prix van San Marino datzelfde jaar.

Terugkeer naar de top

Het team uit Woking rijdt vanaf 1996 met het duo Mika Hakkinen en David Coulthard, terwijl er een motor van Mercedes achterin de wagens gromt. Hoewel McLaren in de jaren met het Brits-Finse rijdersduo podia en zo nu en dan een overwinning weet te behalen, duurt het nog tot 1998 voordat de constructeurstitel weer eens binnen wordt gesleept. Dat jaar behaalt Hakkinen ook zijn eerste coureurstitel, met een jaar later nummer twee. 

In 2001 verlaat de ene Fin het team en komt de andere aan boord: Kimi Raikkonen vervangt Mika Hakkinen, maar voor betere resultaten zorgt het niet. Ondanks een stroom aan overwinningen, is het Fernando Alonso die met Renault in 2005 beide titels in de wacht sleept, op de voet gevolgd door Kimi Raikkonen in zijn McLaren.

Twee jaar later is diezelfde Fernando Alonso terug te vinden achter het stuur van de McLaren, overtuigd van de kracht van de Mercedes-motor en de kennis van het team. Het 2007-seizoen zou echter totaal niet uitpakken zoals de Spanjaard had gehoopt. 

Een schandaal rondom het verkrijgen van gedetailleerde plannen van de Ferrari van dat seizoen betekende een streep door de constructeurstitel en ook het kampioenschap ging in de laatste race de kant van Kimi Raikkonen bij Ferrari op. Alonso vertrok na één jaar bij McLaren, terwijl rookie Lewis Hamilton genoegen moest nemen met P2 in het kampioenschap dat jaar.

Eén jaar later was het dan toch raak voor Hamilton, die met McLaren het kampioenschap won. De constructeurstitel ging naar Ferrari, maar de Brit had zijn eerste titel op zak. 2009 was het enige jaar dat Brawn GP aan de start verscheen, maar eveneens het jaar dat de renstal met Jenson Button beide titels pakte. De Brit zou weer een jaar later naast zijn landgenoot komen zitten bij McLaren, maar de terugkeer van de gloriedagen bleef uit: Red Bull Racing domineerde vanaf 2010 de Formule 1.

Honda-Alonso tijdperk 2.0

Met het vertrek van Lewis Hamilton naar Mercedes in 2013, begon wederom een periode van constante stoelendans bij McLaren. Eerst nam Sergio Perez plaats, vervolgens werd de Mexicaan vervangen door Kevin Magnussen en de Deen mocht in 2015 na één race vertrekken door het aantrekken van Fernando Alonso. De Spanjaard zou deze keer langer blijven, maar wederom teleurgesteld vertrekken.

In hetzelfde jaar dat Alonso terugkeerde bij McLaren, stapte het team over van motoren van Mercedes naar die van Honda. Na de verkoop van het fabrieksteam aan Ross Brawn (dat het omdoopte tot Brawn GP, wat later weer het fabrieksteam van Mercedes werd), keerde de Japanse fabrikant de Formule 1 de rug toe, tot 2015 en Honda terugkeerde als leverancier. 

Het dromen over een herhaling van de resultaten die de samenwerking tussen Honda en McLaren vroeger had gebracht, bleek niets meer dan ijle hoop. Prestaties vielen tegen en in het eerste seizoen wist McLaren slechts 27 magere punten te verzamelen. 

Hoewel dat aantal in het jaar erop bijna verdrievoudigde, zakte het in 2017 weer terug naar slechts dertig. Ook in 2018 wist teambaas Eric Boullier het tij niet te keren nadat Honda aan de kant werd gezet en Renault als leverancier binnen werd gehaald: De Fransman werd aan de kant geschoven en het seizoen leverde slechts zestig punten op.

McLaren F1 in 2020

Na een geweldige opleving in 2019 is het de vraag of McLaren nu kan voldoen aan de verwachtingen van de fans. Die verwachten nu een volgende stap. Daarnaast is er met James Key een talentvolle ontwerper aangetrokken die bij de wagen van 2020 voor het eerst echt zijn gedachtegoed in de wagen kwijt zal kunnen.

Met enkele conceptuele veranderingen aan de wagen hoopt het team uit Woking het gat naar de top te dichten en daarmee afstand te doen van het middenveld. Renault deed deze uitspraak echter ook en die zakten door het ijs. Kan McLaren het gat wel overbruggen of is dat pas haalbaar in 2021?

Met welke motor rijdt McLaren?

Gedurende het 2017-seizoen werd duidelijk dat McLaren niet langer door wilde gaan in de Formule 1 met Honda als motorleverancier. Een ingewikkelde ruil werd gemaakt, waardoor Toro Rosso de motoren van Honda af zou nemen (om te voorkomen dat er één leverancier zonder afnemer was en Renault vier teams moest voorzien) en McLaren dezelfde krachtbron zou krijgen als Red Bull Racing(die nu zijn overgestapt naar Honda). De Franse motor is ook in 2020 weer terug te vinden achterin de MCL35.

Lees meer Lees minder

McLaren Nieuws

Je wordt uitgelogd en doorgestuurd naar de homepage