Honda
Honda keert in 2026 weer terug in de Formule 1 als volwaardig motorleverancier. Het Japanse automerk verliet de koningsklasse aan het einde van 2021, maar bleef in de tussentijd zijdelings betrokken als partner van Red Bull Racing. Nu gaat Honda verder als motorleverancier van Aston Martin.
Geschiedenis van Honda in de Formule 1
Honda werd in 1946 opgericht als fabrikant van motorfietsen, en mocht zich binnen de kortste keren de grootste fabrikant ter wereld noemen. Gezien dit succes, was een uitbreiding van het portfolio de logische volgende stap, en zodoende besloot het van origine Japanse bedrijf om vanaf 1963 ook straatauto’s te gaan produceren. Slechts een jaar nadat Honda met die productie begon, debuteerde het al in de Formule 1 als team én motorleverancier. De eerste successen lieten niet lang op zich wachten. Tijdens de Grand Prix van Mexico in 1965 pakte de Japanse autofabrikant namelijk al zijn eerste overwinning. Ondanks een redelijk succesvolle start, besloot het bedrijf aan het einde van 1968 de stekker uit het project te trekken.
Na een jarenlange afwezigheid, keerde Honda in 1983 terug in de koningsklasse als motorleverancier. De terugkeer bleek een gouden zet, want binnen enkele jaren was de Honda-motor de dominante krachtbron van de Formule 1. Tussen 1986 en 1991 won het team zes constructeurskampioenschappen met Williams (1986 en 1987) en McLaren (1988 tot en met 1991) en vijf coureurskampioenschappen met Nelson Piquet (1987), Ayrton Senna (1988, 1990 en 1991) en Alain Prost (1989). Desondanks besloot Honda er aan het einde van het Formule 1-seizoen van 1992 een punt achter te zetten.
Het afscheid was van korte duur, want in 2000 keerde Honda weer terug in de Formule 1, als motorleverancier van British American Racing (BAR). In 2001 en 2002 leverde het ook motoren aan Jordan Grand Prix. Het team van Eddie Jordan werd in 2003 echter afgestoten, zodat Honda zich volledig op de samenwerking met BAR kon richten. In januari 2005 nam Honda 45% van de aandelen van het team over, waarna de Japanners het team in september 2005 volledig in handen kregen.
Zo werd Honda in 2006, voor het eerst sinds 1968, weer constructeur in de Formule 1. Echt succesvol was deze stint niet. Honda werd 2006 nog vierde in het constructeurskampioenschap, maar viel in de seizoenen daarop terug naar P8 en P9, waarna het team in 2009 in handen kwam van Ross Brawn en Brawn GP. Direct na het vertrek van Honda werd dat team wereldkampioen.
Na enkele seizoenen naast de baan doorgebracht te hebben, keerde Honda in 2015 wederom terug op de Formule 1 grid als motorleverancier van het Formule 1-team van McLaren. Na de eerdere succesvolle samenwerking tussen de twee partijen, was er goede hoop dat Honda het team van McLaren weer succesvol kon maken. De samenwerking verliep echter niet zoals gehoopt. Tussen 2015 en 2017 waren er de nodige problemen met de krachtbron van Honda, waar in de media veelvuldig over geklaagd werd door het team van McLaren. Hoewel de resultaten in de tweede helft van het 2017-seizoen iets aan het verbeteren waren, was de relatie al dusdanig negatief beïnvloed, dat de twee partijen besloten de samenwerking stop te zetten.
Succesvolle samenwerking met Red Bull Racing
Na de breuk met McLaren verdween Honda ditmaal niet uit de Formule 1. De motorleverancier besloot voor het F1-seizoen van 2018 namelijk de handen ineen te slaan met Red Bull-team Scuderia Toro Rosso. Er werden een aantal sterke resultaten op het bord gezet, waardoor al snel werd duidelijk dat de krachtbron een flinke verbetering was ten opzichte van de versie waar McLaren mee had gereden. De test was geslaagd, en zodoende besloot Red Bull dat het zelf vanaf 2019 ook met Honda-motoren zou gaan rijden.
Honda en de twee Red Bull-teams werkten vanaf 2019 nauw samen, en zorgden er zodoende voor dat de krachtbron en het chassis zo goed mogelijk op elkaar ingesteld waren. Tijdens de Grand Prix van Australië, de eerste race van het 2019-seizoen, pakte Honda dankzij Max Verstappens derde plek voor het eerst sinds zijn terugkeer weer een podiumplek. Ook de rest van het seizoen volgden er een hoop mooie resultaten, waaronder de eerste pole position van Honda sinds 2006.
De samenwerking met Red Bull en AlphaTauri (het voormalige Toro Rosso) ging in 2020 verder. Gezien veel teams flink geraakt waren door de coronacrisis, werden de motoren door de FIA ‘bevroren’, wat kortweg betekende dat er alleen nog updates gedaan mochten worden als aangetoond kon worden dat dit vanwege veiligheidsredenen was. Hoewel de samenwerking met de Red Bull-teams uitzonderlijk goed verliep, maakte Honda aan het einde van 2020 bekend dat het na het seizoen van 2021 zou vertrekken uit de koningsklasse. De aankondiging kwam als een donderslag bij heldere hemel voor Red Bull, dat plotseling weer op zoek moest naar een nieuwe motorleverancier.
In het - destijds - laatste officiële seizoen van Honda werd het droomscenario werkelijkheid: Max Verstappen won tijdens de seizoensafsluiter in Abu Dhabi zijn eerste wereldtitel in de koningsklasse met Red Bull en Honda. Het was het einde van een prachtige en succesvolle samenwerking tussen de twee partijen - al was er nog niet écht sprake van een einde. Want hoewel Honda de Formule 1 officieel had verlaten, bleef het ook na 2021 nog zijdelings betrokken bij Red Bull.
De Japanners hadden voor de periode van 2022 tot en met 2025 namelijk een technologisch samenwerkingsverband aangegaan, waardoor Red Bull tot de introductie van de nieuwe motor reglementen in 2026 verzekerd was van de technische ondersteuning van de leverancier.
Red Bull wilde niet langer meer afhankelijk zijn van een externe motorleverancier, die net als Honda op het laatste moment kon besluiten om de stekker uit het project te trekken, en besloot na lang wikken en wegen om een eigen motoren-divisie op touw te zetten: Red Bull Powertrains (RBPT). De bevriezing van de krachtbronnen door de FIA stelde RBPT in staat om de motor over te nemen van Honda, zonder zich zorgen te hoeven maken over de ontwikkeling, gezien er voornamelijk onderhoud nodig was.
In de drie jaren die volgden won Red Bull nog eens drie wereldkampioenschappen met Max Verstappen en twee constructeurstitels met Verstappen en Sergio Perez. Hoewel de successen die Verstappen na 2021 heeft behaald officieel niet onder Honda’s prestaties geschaard worden, gezien ze officeel gezien niet langer de motorleverancier van het team waren, zouden deze er niet zijn geweest zonder de steun van het Japanse automerk. De invloed van Honda tijdens die drie seizoenen mogen dan ook zeker niet onderschat worden.
Successen Honda met Max Verstappen
Honda heeft de afgelopen jaren veel mooie successen geboekt met Red Bull Racing, en dan met name met Max Verstappen. In 2019, het eerste jaar van de samenwerking, stond Verstappen negen keer op het podium, waarvan drie keer op de hoogste trede. Verstappen behaalde in totaal 278 punten, liet drie keer de snelste raceronde noteren en behaalde twee keer pole position. Verstappen werd dat jaar derde bij de coureurs, Red Bull werd eveneens derde bij de constructeurs.
In het ingekorte coronajaar van 2020 hielp de Honda-motor Verstappen aan 214 punten, 11 podiums en 2 overwinningen. Daarnaast stond hij één keer op pole position en klokte hij drie keer de snelste raceronde. Dit leverde hem wederom een derde plek in het kampioenschap op, Red Bull eindigde op de tweede plek in het klassement.
In Honda’s laatste officiële seizoen in de Formule 1 won Max Verstappen zijn allereerste wereldtitel, tot grote vreugde van de motorleverancier. Het was de perfecte manier om de uiterst succesvolle samenwerking met de Japanners af te sluiten. Verstappen won de titel met 395,5 punten achter zijn naam, pakte 18 podiums, 10 overwinningen, 10 pole positions en 6 snelste raceronden.
Hoewel Verstappen vanaf 2022 officieel gezien met een Red Bull Powertrains-krachtbron reed, was het in feite natuurlijk gewoon een Honda-motor. De rol van de motorleverancier werd ook door Red Bull en Verstappen zelf gedurende de seizoenen benadrukt. Het leek even alsof Verstappen in 2022 concurrentie zou gaan krijgen van Charles Leclerc, maar de Ferrari was niet opgewassen tegen de Red Bull. Verstappen behaalde, mede dankzij de uiterst betrouwbare Honda-motor, 454 punten en wist hiermee met gemak zijn tweede titel binnen te slepen. Hij behaalde maar liefst zeventien podiums, inclusief vijftien Grands Prix-overwinningen. Daarnaast pakte hij nog zeven pole positions en vier snelste raceronden. Red Bull werd kampioen bij de constructeurs.
Wie dacht dat Verstappen in 2022 al dominant was, kon in 2023 zijn borst natmaken. Verstappen won zijn derde wereldtitel met 575 punten, wat meer dan het dubbele was dan zijn teamgenoot Sergio Perez op P2. Verstappen stond maar liefst 21 keer op het podium, waarvan 19 keer op de hoogste trede. Daarnaast pakte hij 12 pole positions en klokte hij 9 keer de snelste race ronde. Red Bull won wederom de constructeurstitel.
In 2024 pakte Verstappen zijn vierde en laatste wereldkampioenschap met Honda - voorlopig ten minste. De Nederlander kende een ijzersterke start van het seizoen maar zag gaandeweg de McLaren van Lando Norris steeds dichterbij komen. Hoewel de Britse coureur zijn best deed, kon hij niet op tegen de Nederlander, die het seizoen met 437 punten en een voorsprong van 63 punten won. Met veertien podiums, negen overwinningen, zes pole positions en twee snelste racreonden was het wellicht geen recordjaar zoals 2023, maar zeker niet minder indrukwekkend. Red Bull zag de constructeurstitel wél naar McLaren gaan.
Het Formule 1-seizoen van 2025 markeerde het laatste jaar waarin Red Bull ondersteund werd door Honda, en begon tamelijk moeizaam. McLaren leek de beide wereldtitels met gemak binnen te gaan slepen, en Verstappen, Red Bull én Honda hadden een rol in de strijd om de wereldtitel eigenlijk al wel opgegeven. Toch wist de viervoudig kampioen in de tweede helft van het jaar een dusdanige inhaalslag te doen, dat hij het kampioenschap op slechts twee punten verloor van Lando Norris. 15 podiumplekken, 8 overwinningen, 8 pole positions en 3 snelste raceronden was het ondanks alles een indrukwekkende afsluiter voor het partnerschap met Honda.
In totaal was het partnerschap tussen Max Verstappen en Honda dus goed voor 105 podiumplekken, 66 overwinningen, 46 pole positions en 30 snelste raceronden.
Honda keert terug bij Aston Martin in 2026
Slechts enkele maanden nadat het uit de Formule 1 vertrokken was, klopte het aan het einde van 2022 alweer bij de FIA aan. De autofabrikant maakte bij het motorsportorgaan kenbaar dat het positief stond tegenover een terugkeer tijdens de invoering van de nieuwe reglementen in 2026. Een half jaar later volgde de bevestiging: Honda zou in 2026 terugkeren als motorleverancier voor het Formule 1-team van Aston Martin. Een redelijk opvallende keuze, gezien Aston Martin-coureur Fernando Alonso in het verleden juist heel negatief was over de Honda-krachtbron. Die strijdbijl lijkt echter begraven.
Bij Aston Martin wordt Honda tevens herenigd met Adrian Newey, de topontwerper die ook verantwoordelijk was voor de wagen waarin Max Verstappen in 2021 wereldkampioen werd. Op papier zou dit dus een gouden kans kunnen zijn voor zowel het team als voor de motorleverancier. Het is echter nog maar de vraag hoe de nieuwe Honda-motor daadwerkelijk zal presteren ten opzichte van de andere krachtbronnen. Voor het 2026-seizoen zijn de reglementen namelijk volledig overhoop gegooid - zowel de technische reglementen als die met betrekking tot de motor. Op 20 januari 2026 zal Honda de nieuwste krachtbron voor het eerst met de wereld gaan delen tijdens een officiële lancering in de Japanse hoofdstad Tokio.